KRACHTBRONNENvan mensen met een arbeidshandicap aan het werk
Kees Dijkman |
Twaalf mensen vertellen in dit boek hun verhaal. Alle twaalf hebben ze met zodanige beperkingen en belemmeringen te maken, dat niemand er van zou opkijken als ze volledig arbeidsongeschikt thuis zouden zitten. Toch is ieder van hen aan het werk, betaald, op professioneel niveau. Dat is niet vanzelfsprekend. Ergens hebben zij de kracht vandaan gehaald om dat voor elkaar te krijgen, om kansen te creëren die er zonder hun eigen inzet niet geweest zouden zijn. Waar komt hun kracht vandaan? Uit welke bronnen kunnen zij putten? Dit hoofdstuk is geen poging om de twaalf verhalen te duiden of te analyseren. In dit boek is gekozen voor een narratieve benadering. Dat wil zeggen dat de verhalen zelf de kern vormen. Het gaat om de kracht die van de verhalen uitgaat. Toch kan het helpen om een aantal krachtbronnen op een rijtje te zetten en te bekijken hoe ze terugkomen in de verhalen, zodat ze anderen - situatiegenoten, dienstverleners, werkgevers of beleidsmakers - kunnen inspireren. Bij het schrijven van dit hoofdstuk is gebruik gemaakt van het boek Facilitating Empowerment van Christine Hogan.1 Dit boek is een soort ‘bouwpakket’ van krachtbronnen, waarbij je als lezer - en als deelnemer aan de empowerment trainingen die op basis van dit boek gegeven worden - uitgedaagd wordt om de genoemde krachtbronnen voor jezelf op waarde te schatten, sommige bronnen verder te ontwikkelen, andere bronnen als voor jou irrelevant terzijde te schuiven en zo nodig je eigen bronnen toe te voegen tot er een totaalpakket aan krachtbronnen ontstaat dat op dat moment bij je past en dat je beter in staat stelt je leven in eigen hand te nemen. De ‘meetlat’ van krachtbronnen in dit hoofdstuk is op dezelfde vrije, associatieve manier in elkaar gezet - en op dezelfde manier kan de lezer zich in het onderstaande overzicht herkennen of juist niet en vervolgens zijn eigen gedachten of conclusies toevoegen. JE PERSOON ALS KRACHTBRONJe bent als mens het product van je ervaringen, maar evengoed van je afkomst. Je wordt bepaald zowel door je genen en je fysieke gesteldheid als door je omgeving, de cultuur waaruit je voortkomt, je persoonlijke geschiedenis. Al die bagage balt zich samen in wie jij bent, waar jij voor staat als persoon. UitstralingPersoonlijkheid, uitstraling, aanwezigheid. Slechts weinig mensen hebben er zoveel van dat je van charisma kunt spreken. Maar iedereen is er mee bedeeld. Hoe meer persoonlijke uitstraling, hoe meer overtuigingskracht, hoe gemakkelijker je anderen meekrijgt. En hoewel het gaat om een enigszins ongrijpbare eigenschap die aangeboren lijkt, schijn je het wel degelijk te kunnen ontwikkelen. Hogan beschrijft vier niveaus van uitstraling en hoe je die kunt trainen. De eerste is je fysieke aanwezigheid. De tweede is je stem. De derde is de taal die je gebruikt. De vierde is je doelgerichtheid. De basis van elke persoonlijke uitstraling en overtuigingskracht is dus de kracht van je fysieke aanwezigheid. Een handicap of ziekte hoeft die kracht niet in de weg te staan. Integendeel zelfs, die kan je aanwezigheid een extra impuls geven. Vrijwel alle geïnterviewden in die boek zijn bij ontmoeting zeer ‘aanwezige’ mensen. Henri Koevoets heeft uit hoofde van zijn beroep geleerd met gezag op te treden. Marlieke de Jonge compenseert haar geringe fysiek door een scherpe blik, een fiere houding en een radicale en zeer doelgerichte keuze voor haar uniciteit. Wouter Godron weet met zijn natuurlijke charme mensen snel voor zich in te nemen. ZelfvertrouwenDe basis van elk zelfvertrouwen is een positief zelfbeeld. Je mag er zijn. Sterker nog, je bent uniek, anders dan ieder ander en dat is voor jou een prettige ervaring. Het zelfvertrouwen van mensen met een handicap of ziekte kan flink ondermijnd worden. Om te beginnen krijg je uit je omgeving niet zelden de boodschap dat het helemaal niet goed is dat jij anders bent dan een ander. Je wijkt af op een negatieve manier, vinden anderen, vind je zelf misschien ook. En die anderen laten jou dat weten, hardop of onderhuids, maar hoe dan ook merkbaar. Het vergt kracht om daar tegen op te boksen. Een tweede probleem is dat het oplopen van een handicap of ziekte vaak ook verlies met zich meebrengt en verliezen leiden nu eenmaal vaak tot depressiviteit. De kern van veel somberheid is een negatief zelfbeeld. Alle geïnterviewden in dit boek hebben hier mee te maken gehad. Ze worstelen er soms nog altijd mee. Willem Koekoek vindt zichzelf in zekere zin ‘nog een kind’. Jacqueline Kool lijkt zich er lang over verbaasd te hebben dat ze serieus genomen wordt door haar academische omgeving. Maar ze merken ook dat het helpt om jezelf en je mogelijkheden positief te waarderen, dat de resultaten die je er mee bereikt je zelfvertrouwen verder opkrikken en dat je jezelf daardoor als een Baron von Münchhausen aan je eigen haren het moeras uit kunt trekken. Myrthe Buijs weet heel goed wat ze te bieden heeft als doorleefd therapeut. Conny Bellemakers twijfelt geen seconde aan haar professionele kwaliteiten als consultant. Willem Koekoek weet dat hij goed kan koken. Henri Koevoets is altijd beroepsmilitair gebleven. IntuïtieSommige mensen ontkennen dat het bestaat, anderen zweren erbij: intuïtie. Maar of je het nu beschouwt als een gecultiveerde vorm van ‘op je gevoel afgaan’ of daadwerkelijk als een ‘zesde zintuig’, intuïtie stelt je in staat om snel beslissingen te nemen, omdat je direct weet of die beslissing je verder brengt op je levensweg of je een zijweg doet inslaan nergens naar toe. Hogan suggereert dat je je intuïtie kunt scherpen door te oefenen met non-verbale technieken, bijvoorbeeld door dilemma’s of omstandigheden uit te tekenen, er over te zingen of er symbolen voor te verzinnen. Myrthe Buijs definieert haar hele levensgeschiedenis langs de lijnen van haar intuïtie. Zij gebruikt onder andere beeldhouwen als methode om haar professionele intuïtie verder te ontwikkelen. Willem Jan Tinke wil met zijn muziek ‘iets losmaken’, niet alleen bij anderen, ook bij zichzelf. Rob van Woerden stelt dat als het eenmaal klikt tussen hem en een cliënt, het ‘verder vanzelf doorrolt’, maar vermoedelijk is ook hier zijn professionele intuïtie als therapeut aan het werk. Willem Koekoek gaat bij het nemen van belangrijke levensbeslissingen zo op zijn gevoel af dat hij zelfs niet de behoefte voelt om die intuïtie te benoemen, laat staan het er verder over te hebben. CompetentieEen goede opleiding. Professionele vaardigheden. Expertise. Een ervaren professional weet waar hij mee bezig is. Wie beschikt over competentie, overtuigd is van zichzelf als professional en bovendien door zijn omgeving erkenning krijgt voor die professionaliteit, heeft een flinke streep voor. Het mooie is dat competentie uitstraalt naar andere vakgebieden. Wie competent is in zijn oorspronkelijke vak, kan zich ook sneller de specifieke kennis en vaardigheden van andere beroepen eigen maken. Conny Bellemakers is opgeleid als verpleegkundige en gezondheidswetenschapper en neemt die competenties mee in haar cliëntdeskundigheid. Rob van Woerden is voor zijn professionele omgeving allereerst psychotherapeut en pas daarna rolstoeler. Jeroen Willems compenseert zijn gebrek aan opleiding met zijn ervaring als belangenbehartiger, onderzoeker en initiator. Mythe Buijs was al voordat ze met ziekte en beperkingen te maken kreeg een professionele dienstverlener. Sylvia Hoffmeijer werkt eigenlijk onder haar niveau, maar hoopt wel ooit in een middelmanagementfunctie terecht te komen. Overigens zijn alle geïnterviewden experts in het leven met hun beperkingen, disability managers in de ware zin van het woord. Die competentie vormt de onmisbare voedingsbodem voor vrijwel al hun activiteiten - privé of zakelijk, betaald of niet. En verder
JE LEVENSGESCHIEDENIS ALS KRACHTBRONHet leven staat nooit stil. Er gebeurt van alles om je heen en met jezelf. Door je eigen keuzes en je eigen inbreng, maar ook zomaar, schijnbaar willekeurig. Of door de bewuste acties van anderen. Die gebeurtenissen in het leven waar je deel van uitmaakt, ze kunnen sterke krachtbronnen opleveren. KeerpuntenMensen veranderen niet graag. Veel mensen veranderen - hun ideeën, hun opstelling, hun activiteiten, hun dagelijkse patronen – pas, als het duidelijk is dat de prijs die ze moeten betalen om alles bij het oude te laten hoger is dan de prijs die ze moeten betalen om te veranderen. Daarom is een crisis door oorzaken van buitenaf - een ongeval, een ziekte - zelfs als die grote gevolgen heeft, bijna nooit uitsluitend negatief. Elke zekerheid die je ontvalt daagt je uit om je situatie onder ogen te zien, je mogelijkheden opnieuw te bekijken. Juist in het diepst van een crisis kun je beseffen dat je oude waarheden, oude zekerheden los moet laten, maar dat je daardoor ook ruimte kunt krijgt om nieuwe wegen in te slaan. Rob van Woerden zou zonder zijn handicap misschien altijd een technicus zijn gebleven - en in dat vak zou hij vermoedelijk veel minder geslaagd zijn dan nu, als psychotherapeut. Myrthe Buijs sloeg door de voorruit van haar bus en besefte dat ze niet langer de zin van haar leven aan anderen kon ontlenen. Voor Conny Bellemakers betekende het deelnemen aan een internationaal congres van vrouwen met een beperking - in feite de erkenning van haar bestaan als mens met beperkingen - een keerpunt. Willem Jan Tinke zou nooit zijn jeugddroom - musicus zijn - hebben verwezenlijkt als hij niet ziek was geworden. Overigens kan een keerpunt ook belemmerend werken. Voor veel geïnterviewden is het moment dat ze in de WAO terechtkwamen een crisis die ze maar met moeite te boven konden komen - als de hele maatschappij je als uitgerangeerd bestempelt en je zelf daarin bevestigd wordt door de uitkerings- en reïntegratiebureaucratie waar je mee te maken krijgt, moet je van goeden huize komen om nieuwe kansen en mogelijkheden te zien in je situatie. LevenservaringLevenservaring is niet de optelsom van alles wat je hebt meegemaakt. Om werkelijk levenservaring op te doen moet je stilstaan bij wat er met je gebeurt, goed observeren, reflecteren op wat je overkomt en leren inschatten welke rol je daar zelf in speelt. Een andere voorwaarde is dat je risico durft te nemen, dat je fouten durft te maken en dat je daar van leert. Vandaar dat omwegen en zijsporen dat feitelijk maar zelden zijn. Ze dragen bij aan wie je bent geworden door wat je hebt meegemaakt, hoe je dat verwerkt hebt en hoe je er zelf aan hebt bijgedragen. Myrthe Buijs verbindt het meest expliciet haar leven en haar werk, ze benoemt die zelfs als onlosmakelijk met elkaar verbonden. Jeroen Willems neemt zijn levensgeschiedenis mee in zijn werk. Jacqueline Kool, zelf op zoek naar de betekenis van haar bestaan, is daardoor bij uitstek toegerust om anderen op diezelfde zoektocht te begeleiden. En verder
JE DADEN ALS KRACHTBRONAls mens ben je niet passief. Je beweegt altijd, al lijkt het soms nog zo weinig. Je eigen activiteiten, de manier waarop je je beweegt in je leven, op jezelf of met anderen, het kan je de energie, de kracht opleveren om verder te gaan, nieuwe wegen in te slaan, te bereiken wat je wilt. VolhardingGewoon maar doorgaan, taai en onverzettelijk, omdat je overtuigd bent van jezelf, je mogelijkheden, je ideeën. Afwijzingen incasseren, de pijn ervan voelen, maar je daardoor niet uit het veld laten slaan. Mensen die volharden hebben beslist meer kans om te komen waar ze willen, dan mensen die het snel opgeven. Al was het alleen maar op grond van kansberekening: tien pogingen geven meer kans op succes dan vijf. Bovendien, je kunt wel iets willen, maar je moet ook nog in een omgeving terecht komen die iets kan met jou, je mogelijkheden en talenten, je opvattingen, je specifieke energie. Hoe meer je poogt, hoe meer kans dat je de juiste mensen ontmoet, in een passende professionele omgeving terecht komt. En misschien zit er ook wel waarheid in het gezegde dat je geluk - in ieder geval voor een deel - kunt afdwingen, dat gunstige omstandigheden als een magneet worden aangetrokken door mensen die doorzetten. Een probleem met volharding is dat je er in kunt doorschieten, dat je kunt blijven vasthouden aan iets dat je geen goed doet, waar je niet verder mee komt. Vrijwel alle geïnterviewden zijn doorzetters. Niet van het type die zich door egocentrisme of gewone botheid nergens door van de wijs laten brengen. Integendeel, hun weg is er een van zoeken en tasten. Maar ze volgen daarbij wel hun eigen spoor, maken hun eigen toekomst. Sylvia Hoffmeijer laat zich bijvoorbeeld niet van de wijs brengen door de opeenvolgende afwijzingen op haar pogingen tot reïntegratie. Jacqueline Kool zet gestaag, maar overtuigend telkens een volgende stap in haar leven. Overigens staat de uitkomt van zo’n proces niet vast. Succes is niet gegarandeerd. Dat alle geïnterviewden uitkomen bij betaald werk is het gevolg van onze selectiecriteria - waren ze ergens anders uitgekomen, dan was hun verhaal niet in dit boek terecht gekomen. Het omgekeerde is overigens wel altijd waar: geen arbeidsgehandicapte komt toevallig en ondanks zichzelf aan betaald werk. KiezenBeseffen dat je kunt kiezen is de eerste stap op weg naar empowerment, betoogt Hogan. Zelfs als je mogelijkheden beperkt zijn, ben jij nog altijd degene die beslist. Dat feit op zich kan je kracht geven. Maar meestal zijn er keuzemogelijkheden die wel degelijk in je voordeel werken. Het is de kunst om die te leren zien. Dat kan door eerst het probleem helder te definiëren en vervolgens heel veel alternatieve oplossingen te bedenken, waarbij het niet uitmaakt hoe buitenissig die op het eerste gezicht lijken. Pas als je een groot aantal mogelijke oplossingen op een rijtje hebt gezet, ga je ze beoordelen, terzijde schuiven of juist verder uitwerken. Daarbij kun je zowel op je gevoel afgaan als de zaak doordenken. Uiteindelijk hak je de knoop door en kom je in actie, ga je je richten op het verwezenlijken van nieuwe doelen. Alle geïnterviewden hebben er op een bepaald moment voor gekozen zich te richten op betaald werk. Pas achteraf, als het blijkt te lukken om dat werk te krijgen en te houden, lijkt dat een rationele keuze. Maar op het moment zelf was het in vrijwel alle gevallen een onwaarschijnlijke keuze, een keuze ‘op gevoel’. Maar wel een keuze die enorme krachten wist los te maken. Zo blijkt zelf kunnen kiezen, zelf je eigen plan kunnen trekken, een generator van kracht die een spiraalbeweging naar boven in gang zet. Had je Jacqueline Kool als meisje op de Mytylschool verteld dat ze ooit een academische studie af zou maken, dan had ze je ongelovig aangekeken. Toch heeft ze - telkens met kleine stappen - wel degelijk zelf die keuze gemaakt. Had je Wouter Godron als puber voorgehouden dat hij ooit chef van de retourette zou kunnen zijn, dan had hij zijn schouders opgehaald en verder geen aandacht aan je besteed. Als je Henri Koevoets in de eerste immobiele maanden van zijn revalidatie had verteld dat hij ooit weer aan het werk zou gaan, dan had hij direct instemmend geknikt - dat had hij zelf ook al wel zo bedacht. Omgekeerd werkt het ontmoedigen van eigen keuzes ernstig ondermijnend op de kracht van mensen. Ook daar kunnen alle geïnterviewden over meepraten. Pas als je beseft hoe onmachtig mensen worden als anderen telkens alle beslissingen voor ze nemen, realiseer je je hoe het kan dat het omvangrijke bouwwerk van regelingen, voorzieningen en instanties in Nederland vaak zo’n verlammende uitwerking heeft op mensen met beperkingen. Positie verwervenAls je eigenaar en tevens directeur bent van een onderneming, zal niemand je ontslaan als je arbeidsongeschikt raakt. Ben je een expert in je vak en onmisbaar voor je baas, dan zal die meer zijn best doen om je te behouden voor het bedrijf. Ben je inwisselbaar en beschouwt je chef jouw handicap of ziekte als een onzekere factor, dan wankelt je positie al bij voorbaat. Kortom, het maakt nogal uit welke positie je inneemt. Maar weinig geïnterviewden hebben bij het vinden of houden van hun betaald werk gebruik kunnen maken van hun positie. De meesten zijn ‘op nul’ begonnen en hebben zich in feite op de arbeidsmarkt ingevochten. Alleen Henri Koevoets had het voordeel dat zijn werkgever, het Ministerie van Defensie, arbeidsgehandicapt geraakte medewerkers formeel niet ontslaat, maar ‘buiten dienst’ plaatst. Uit zijn verhaal - en vooral uit het contrast met hoe andere werkgevers met hun arbeidsgehandicapt geraakte medewerkers omgaan - blijkt hoe belangrijk een blijvende verantwoordelijkheid van werkgevers is. En verder
ANDERE MENSEN DIE JE KRACHT GEVENJe leeft niet op een eiland. Je wordt omringd door anderen, je gaat relaties aan, onderhoudt een netwerk van contacten met mensen die op allerlei manieren betekenis voor je hebben. Daar kun je kracht uit putten. Nabije anderenHet mooie van liefde is dat die uitgaat naar een ander en toch een van de sterkst denkbare persoonlijke krachtbronnen is. Die ander kan een geliefde zijn, maar evengoed je familie, een huisdier of een groep mensen waar je je mee verbonden weet. Voornamer dan de behoefte bemind te worden, is de behoefte lief te hebben. Mensen die het geluk hebben - of het zo voor zichzelf georganiseerd hebben - dat ze dichtbij anderen leven en sterke bindingen met hen aangaan, putten daar grote kracht uit. Wouter Godron bijvoorbeeld wordt niet alleen met liefde omringd, hij is ook zelf in staat om te houden van de mensen om hem heen. Die mensen weten vervolgens veel voor hem te regelen. Myrthe Buijs zou naast niemand anders wakker willen worden dan haar man. Conny Bellemakers voelt zich sterk verbonden met haar maatjes in de gehandicapten- en chronisch ziekenbeweging. Rob van Woerden leunt zwaar op zijn Marijke, maar weet ook dat alleen wederkerigheid en openheid een relatie kan bestendigen en verdiepen. Marlieke de Jonge geeft zelf aan dat haar onvermogen mensen dichtbij toe te laten haar positie verzwakt, maar als compensatie onderhoudt ze een enorm netwerk aan bondgenoten en collega’s. NetwerkenBehalve mensen dichtbij, zijn ook de mensen op iets meer afstand van groot belang voor je kansen en mogelijkheden. Als kennissen, familie, buren, collega’s, werkgevers, lotgenoten weten waar je mee bezig bent en je kwaliteiten kennen, dan komt er altijd een moment dat ze iets voor jou kunnen betekenen - en jij voor hen. Jeroen Willems heeft zijn betaalde baan - behalve aan zijn eigen inzet - aan zijn netwerk als belangenbehartiger te danken. Marlieke de Jonge is waardevol voor GGz Groningen dankzij haar enorme netwerk aan contacten in cliëntenkringen en haar ervaringskennis van de diverse dienstverlenersgroepen. Wouter Godron heeft niet toevallig een baan gevonden in de supermarkt waar zijn moeder altijd de dagelijkse boodschappen deed. Jacqueline Kool, Myrthe Buijs en Rob van Woerden zijn als zelfstandig ondernemers zelfs volledig afhankelijk van hun professionele netwerk. BevestigingNiemand kan zonder bevestiging van anderen. Erkend en gewaardeerd willen worden is niet alleen vaak de reden waarom mensen aan het werk willen, het is ook een noodzakelijke voorwaarde. Meer nog dan de financiële beloning. Het is opvallend hoe vaak de geïnterviewden in hun verhalen benadrukken dat ze het niet gered zouden hebben zonder het uitgesproken vertrouwen dat anderen - dichtbij en verder weg - in hen stelden. Marlieke de Jonge wordt zowel door haar collega’s als door haar cliëntennetwerk op handen gedragen. Conny Bellemakers wordt, met al haar onverzettelijkheid, breed gewaardeerd om haar visie en haar inzet. Wouter Godron is door zijn baan een bekend en gewaardeerd lid van zijn lokale gemeen- schap geworden. Voor Henri Koevoets symboliseert zijn visitekaartje de waardering die hij van zijn werkomgeving krijgt voor zijn inzet en voor de kwaliteit van zijn werk. En verder
MAATSCHAPPELIJKE KRACHTBRONNENZoals een samenleving niet kan bestaan zonder natuurlijke hulpbronnen - al was het maar de arbeidskracht van de mensen die de samenleving vormen - zo kunnen mensen niet zonder hulpmiddelen. Kennis, informatie, voorzieningen, geld, ze vormen noodzakelijke voorwaarden om je bestaan vorm te geven. Beschik je over een meer dan gemiddeld vermogen - door geluk, door talent of door verdienste - om hulpbronnen naar je toe te halen, dan verhoogt dat ook je kracht. Kennis en informatieKennis is macht. Wie meer weet, ziet meer mogelijkheden. Wie de weg kent, kan hem gemakkelijker volgen. Veel geïnterviewden hebben een hogere opleiding, een aantal een academische. Daardoor zijn ze getraind in het opnemen en verwerken van informatie en kunnen ze wat ze lezen en horen in een breder, maatschappelijk kader plaatsen. Dat maakt ze weerbaarder bij het zoeken, vinden en soms zelf scheppen van hun werk. Maar soms is ook op het eerste gezicht triviale informatie van belang. Als zijn vrouw en kinderen geen vaste kijkers waren geweest van het televisieprogramma ‘Man bijt hond’, dan was Willem Jan Tinke nooit in contact gekomen met Jan Vayne. Als Jeroen Willems door zijn werk voor de cliëntenraad niet op de hoogte was van de mogelijkheden om een oriëntatiecursus voor de arbeidsmarkt te volgen, was hij nooit door de medewerkers van het organiserende reïntegratiebedrijf gespot en binnengehaald. Overigens is voor een groot deel van de geïnterviewden hun ervaringskennis van groot belang bij het uitoefenen van hun beroep. Jeroen Willems, Conny Bellemakers, Marlieke de Jonge, Jacqueline Kool, Myrthe Buijs en Jolanda Bekkers zouden niet aan het werk zijn zoals ze aan het werk zijn, als ze niet uit eigen ervaring wisten hoe het is om te leven met beperkingen. GeldIn onze maatschappij betekent meer geld: meer mogelijkheden. Armoede is dan ook een grote belemmering om maatschappelijk te participeren. Gelijke kansen en mogelijkheden voor mensen met beperkingen worden vaker gefrustreerd door gebrek aan geld dan door vooroordelen of fysieke belemmeringen. De geïnterviewden die over wat meer geld kunnen beschikken, hebben het bij hun zoektocht naar werk dat bij hen past beslist gemakkelijker dan de anderen. Rob van Woerden had nog net op tijd een ongevallenverzekering afgesloten, die zijn studie psychologie mogelijk maakte. Willem Jan Tinke gebruikte het geld van een erfenis om zijn bedrijf op te starten. Myrthe Buijs leefde de eerste jaren van haar bestaan als zelfstandig therapeut van het geld dat haar man verdiende - die ging daar meer uren voor werken. Wie niet over financiële reserves kan beschikken, zal fondsen moeten werven voor elke stap die geld kost. Natuurlijk kun je gebruik maken van allerlei regelingen. Maar die moet je maar net kennen en als je er een beroep op doet moet je opgewassen zijn tegen een enorme bureaucratie. Daar kunnen vrijwel alle geïnterviewden over meepraten. VoorzieningenEr wordt in Nederland heel veel geld uitgegeven aan de reïntegratie van mensen met een arbeidshandicap. Er zijn allerlei voorzieningen beschikbaar, van woonwerkvervoer tot aanpassingen op de werkplek, van omscholing tot belastingvoordelen, van jobcoaching tot premieverlaging voor de werkgever. Die voorzieningen zijn vaak onmisbaar om mensen te faciliteren op weg naar werk. Daarom is het opvallend dat de mensen die in dit boek hun verhaal vertellen, maar mondjesmaat gebruik maken van dit soort regelingen en voorzieningen. Zeker, soms stuiten ze bij toeval op een handig achterdeurtje, zoals Jacqueline Kool die haar vervoersvoorziening kon laten doorlopen toen ze uit loondienst haar eigen bedrijf begon en die via een (toevallig in haar regio beschikbaar experimenteel) persoonsgebonden reïntegratiebudget een aantal aanpassingen op haar werkplek kon realiseren. Jeroen Willems maakt gebruik van een jobcoach, net als Wouter Godron, die bovendien in een loondispensatieregeling valt. Willem Koekoek is omgeschoold tot kok in een werkcursus traject. Maar de anderen? Het meest opvallend is dat mensen die zelf hun eigen spoor trekken, die hun eigen weg volgen naar betaald werk, dat vaak volledig op eigen kracht doen, niet alleen zonder materiële voorzieningen, maar ook zonder enige ondersteuning of begeleiding door instanties. Ook een opvallende leemte is het gebrek aan voorzieningen voor mensen met een arbeidshandicap die een eigen bedrijf beginnen. Zou Myrthe Buijs ergens als werknemer in dienst treden, dan zou haar werkruimte via de Wet Rea volledig aangepast kunnen worden, maar als zelfstandige zonder personeel kan ze een vergoeding van die aanpassingen wel vergeten. En verder
Kees Dijkman is freelance journalist en tekstschrijver. Hij werkt met name binnen de gehandicapten- en patiëntenbeweging, waar hij onder andere verantwoordelijk is voor de website www.handicap.nl.
Noot 1 . Christine Hogan (2000). Facilitating Empowertment. A Handbook For Facilitators, Trainers & Individuals. London: Kogan page.. |