WILLEM VOGEL |
Ik ben uit een diep dal geklommen. Maar nu heb ik
werk, ik woon samen, ik heb alles wat ik had willen
hebben...
Willem Vogel (28) werkt als kok bij Sauna Soesterberg. Hij woont in Leusden.
Ik ben enig kind. Ik heb mavo en havo gedaan, daarna ben ik begonnen aan een studie informatica aan de HEAO, ik wilde het commercieel management in. Die studie liep uiteindelijk niet zo goed, ik kreeg op mijn achttiende mijn eerste psychose. Ik stopte met die studie, moest switchen. Ik kan toch beter met m’n handen werken dan puur met m’n hoofd. Mijn plaatje is ‘schizofreen’. Daar komt bij dat ik sinds mijn derde psychose ook stemmen in mijn hoofd heb. Een paar keer per dag, meestal zijn het vrouwen, soms collega’s. Daar valt mee te leven, als ze er niet zijn voel ik me een beetje eenzaam. Ik ben nooit opgenomen geweest, heb wel behoorlijk wat psychiatrische hulp gehad. Na mijn eerste psychose ben ik twee jaar thuis geweest, ik dacht dat ik niks meer kon, durfde de straat niet meer op. Ik werd afgekeurd voor werk en er was niemand die me bij m’n kladden pakte. In de tijd na mijn tweede psychose had ik een goede therapeut bij het Riagg die me naar een activiteitencentrum verwees. Ik ging er een paar dagen per week heen, leerde er koken en ging dat als vrijwilliger doen. Dat beviel me zo goed dat ik dacht dat ik er mijn beroep van kon maken. Zo ben ik kok geworden. In de Riagg heb ik weinig vertrouwen meer. Ik slik wel anti-psychotica uit het reguliere circuit, die heb ik nodig. Voor verdere behandeling richt ik me op het alternatieve circuit. Om de twee maanden ga ik naar een Engelse healer. Die werkt op een ander niveau, hij maakt mijn aura schoon. Hij weet wel wat, ziet dingen die de meeste mensen niet zien. Hij praat over entiteiten als het over mijn stemmen gaat. Die hangen samen met mijn vroegere leven. Volgens hem ben ik in een vroeger leven sjamaan geweest. Ik heb er baat bij. Een behandeling duurt twee uur. Alles gaat via zijn handen. Daarna voel ik me een stuk rustiger en opgewekter. Ik heb altijd interesse voor paranormale zaken gehad. In de psychiatrie kom ik niet verder, je gaat toch zoeken naar andere manieren. Ik heb het allemaal zelf uitgevogeld. Dat moet wel, iemand anders doet het niet voor je. Ik ben wel een stuk volwassener geworden, kan goed omgaan met mensen die ouder zijn. In het diepeOp mijn tweeëntwintigste kwam ik bij de Werkcursus terecht, een cursus waarin je je kunt oriënteren op de arbeidsmarkt. Het is een cursus die door het Gak betaald wordt. Je bent met een kleine groep. De eerste zes weken werk je elke ochtend gezamenlijk aan je oriëntatie, daarna moet je er zelf op uit, zelf gaan kijken welke stage je wilt doen, ze helpen je daar niet mee. Er ging wel iemand mee naar het sollicitatiegesprek, om zaken met de werkgever af te spreken. Er moest ook een evaluatie komen en een eindgesprek. Zonder die cursus had ik waarschijnlijk geen werk gevonden. Het was een goede cursus, maar ik vond de begeleiding wel erg voorzichtig. Ze dachten bijvoorbeeld dat ik absoluut geen veertig uur in de week kon werken. Ik ben voortijdig met de cursus gestopt, omdat ik het zat was. Er zaten nogal wat mensen waarbij het niet lukte en dat was niet erg motiverend. Inmiddels ben ik kok in de sauna in Soesterberg. Overdag gaat het hoofdzakelijk om broodjes, ’s avonds vooral om eenvoudige maaltijden als eenpansgerechten of een stukje vis. Een koksdiploma heb ik niet, ik heb wel de opleiding gedaan, maar ik ben voor het laatste, theoretisch gedeelte van het examen gezakt. Voorlopig doe ik dat examen niet over. Het is duur en bij een kok is het vooral de ervaring die telt en die heb ik inmiddels. De wereld van de koks is klein, als ze weten dat je een beetje goed bent kun je op veel plaatsen aan de slag. Er worden veel koks gevraagd. Veel restaurants sluiten omdat ze geen koks hebben. Voor mij is dat wel gunstig. Ik heb meerdere banen gehad. Ongeveer drie jaar geleden ben ik begonnen bij een à la carte restaurant in Leusden, destijds bij mij om de hoek. Ik kwam er via de Werkcursus, het was een stageplaats. Ik heb er een week of zeven een paar uur per dag gewerkt. Daarna ging ik naar een nieuwe stageplaats in een conferentiecentrum. Ik wou snuffelen, kijken wat er allemaal was. Mijn derde stageplaats was in een instelling. Daarna ben ik weer naar datzelfde restaurant in Leusden gestapt om te vragen of er werk voor mij was. Ik dacht aan twintig uur. De eigenaar had werk voor mij, maar wel voor veertig uur. Ik overlegde met het Gak en er moest ook iemand van de Werkcursus bij het gesprek zijn. De mensen van de Werkcursus dachten aan zestien uur of misschien iets meer. Ik koos voor de veertig uur, deed een sprong in het diepe. Het is gelukt, ik heb er zo’n anderhalf jaar gewerkt, soms werden het zestig tot zeventig uur in de week. De werkgever wist van mijn achtergrond, hij kreeg ook subsidies. Ik begon er met de voorbereidingen van maaltijden, de mise en place en het voorsnijden. De klotenklussen zeg maar. Er gingen mensen weg en toen kon ik ’s avonds werken, leuke dingen doen als borden opmaken, voorgerechten en desserts maken en uitserveren. Zo ben ik erin gerold. Het was erg hard werken voor weinig geld. Psychisch kon ik het wel aan. Ik heb er veel geleerd, had goede koks om me heen. Dat was ook mijn motief om er te werken. Ik heb ook drie maanden in een hotel in Soest gewerkt. Dat beviel niet zo goed. Toen mijn contract afliep, wilde de werkgever het niet verlengen en ik ook niet. Het was er zo rustig. Soms waren er maar een of twee tafels per avond bezet. Dat betekende: veel wachten, de keuken vroeg schoonmaken en opruimen. Dan duurt de avond veel te lang. Op een gegeven moment ging ik af en toe even buiten tennissen om de verveling te verdrijven. Daarna werkte ik drie maanden via een uitzendbureau in een restaurant in Utrecht. Buffetten maken, de koude en de warme kant. Na drie maanden hadden ze me niet meer nodig en had ik vier sollicitaties lopen. Ik kon overal komen. Ik koos de beste baan, de baan waarmee ik het meest verdiende. De sauna in Soesterberg dus. Het is leuk. NachtlevenPrettig is ook dat het veel avondwerk is. Ik ben een nachtmens en ’s avonds werken is leuk. Als we klaar zijn - rond een uur of half een ’s nachts - pakken we een biertje, gaan we nog wat bijpraten. Daarna ga ik vaak nog een biertje pakken bij een vriend die ik nog uit de psychiatrie ken. Die leeft ook veel ‘s nachts. Of ik ga thuis het internet op, nog wat chatten met collega’s die ook laat op zijn. Dan is het zo twee, drie, soms vier uur voordat ik slaap. Dan blijf ik lekker liggen tot twaalf uur. Binnenkort ga ik een webcam kopen, wordt het nog leuker. Nooit ziekDe laatste keer dat ik solliciteerde heb ik niets over mijn achtergrond gezegd. Het gaat onderhand zo goed dat ik dat niet nodig vind. Waarom zou je slapende honden wakker maken? Als de werkgever iets van mijn achtergrond weet gaat hij misschien in risicofactoren denken. Daar zitten ze niet op te wachten. Met jou is iets niet helemaal in orde, zei een van mijn collega’s, een slimme. Hij weet wat er met mij aan de hand is, raadde me een film aan, Beautiful Mind. Die film gaat over schizofrenie. De hoofdpersoon heeft hallucinaties, hij heeft voortdurend drie mensen om zich heen. Je denkt dat het echt is wat hij meemaakt. Op een gegeven moment ontdekt hij zelf dat een klein kind dat ook steeds bij hem is maar niet ouder wordt, dat de mensen niet echt zijn. Zo komt hij erachter dat er iets met hem is. Mijn dag ziet er ongeveer zo uit, zei ik tegen die collega. Had ik misschien niet moeten doen. Hij houdt het wel voor zich. Soms laat ik me gaan. Die stemmen maken me dan erg onrustig. Dat is - denk ik - het enige wat mensen om me heen aan mij merken. Als het een dag niet goed gaat draai ik op routine. Ik heb me nog nooit ziek gemeld. Soms heb ik maar een paar uurtjes geslapen - eigen schuld natuurlijk - dan gaat het moeizaam. Soms ook heb ik te lang geslapen, dan gaat het ook niet altijd goed. Lang slapen komt ook door de medicijnen. Ik slik ook antipsychotica voor de nacht, dan slaap je juist erg goed. Ik kan wel tien, twaalf, veertien uur slapen en me dan nog niet uitgeslapen voelen. Dat is moeilijk. Ik probeer acht uur slaap aan te houden. Om vier uur naar bed en om twaalf uur de volgende dag opstaan. Ik kan goed tegen onregelmatig werken. Soms moet ik na een heel druk weekend waarin ik telkens pas om half een klaar ben - en dan thuis nog een borreltje - op maandagochtend weer vroeg beginnen. Dat is dan heel moeilijk. LiefdeAlleen mijn vriendin vindt mijn nachtleven niet altijd zo leuk. Mijn dagnachtritme is niet afgestemd op dat van haar. Ze is er nu een beetje aan gewend en doet haar eigen dingen. Ze gaat naar school om Nederlands te leren bijvoorbeeld, want ze komt uit Litouwen. Ik woon sinds een jaar met haar samen. Dat is er ook nog allemaal bijgekomen. Een relatie beginnen, samenwonen, een hele klus. Een relatie hebben is niet altijd gemakkelijk. Ik doe soms dingen die ze niet snapt. Dan wil ik ineens graag alleen zijn of ik kom heel laat thuis. Waarom doet hij zo, vraagt ze zich af, ze denkt dat het aan haar ligt. Die dingen hebben ook met mijn ziekte te maken. De psychiater gaat haar binnenkort het een en ander over mijn ziekte uitleggen. We gaan dan samen. We hebben een eigen taaltje, een mengeling van half Duits en half Nederlands. Vanwege mijn Groningse afkomst spreek ik goed Duits. Ik spreek geen Litouws, maar ik moet er binnenkort wel eens naar toe. We wonen in een huurhuis met een tuin, alles begane grond. Mijn vriendin heeft het hier naar haar zin. Ik ben druk op zoek naar een koophuis. Alleen kan ik dat niet opbrengen, zij moet eerst werk hebben. Voorlopig nemen we geen kinderen. Ik ben af en toe zelf een klein kind, dus ik weet niet of ik dat wel aankan. Ik moet er nog eens goed over nadenken, maar ik zou het wel willen. Zij ook, maar ze is pas drieëntwintig. MooierWat ik het mooiste vind is koken voor kleine groepen, van tien mensen bijvoorbeeld. Verschillende gangen maken en ervoor zorgen dat alles er mooi en goed uitziet. Een soort cateraar zijn. Dan krijg je ook feedback en complimenten. Kok zijn in een woonvorm voor verstandelijk gehandicapten lijkt me ook wel wat. Maar daar is niet voldoende werk voor veertig uur. Ik heb als vrijwilliger in een café voor verstandelijk gehandicapten gewerkt. Ze kunnen soms raar uit de hoek komen, maar het was erg leuk werk. Ik zou in de toekomst ook wel voor mezelf willen beginnen. Dat wordt moeilijk, want ik heb geen rijke ouders. Je moet in ieder geval een goed plan hebben. Misschien kan ik iets in Litouwen beginnen, dan moet ik wel eerst de taal onder de knie krijgen. Of op de Antillen. Daar zijn nog mogelijkheden voor de horeca en de grond is er in ieder geval goedkoop. Ook zou ik de Egyptische keuken goed willen leren kennen, maar dat betaalt een werkgever niet. Soms vraagt iemand me wel eens waarom ik ben zoals ik ben. Ik ben apart. Wat mopperig, soms nukkig, soms extravert dan weer heel introvert, dat zijn kenmerken van mij. Dan zeg ik dat ik heel gelukkig ben. Ik ben uit een diep dal geklommen, ik heb werk, woon samen. Ik heb alles wat ik had willen hebben. Alles wat voor de meeste mensen vanzelfsprekend is, maar voor mij niet. Ik ga al richting dertig. Het leven wordt steeds mooier als je ouder wordt. |